Bij het aanplanten van deze zilverkleurige schoonheid is de keuze van de juiste plek de allerbelangrijkste stap. Je moet op zoek gaan naar een locatie waar de zon het grootste deel van de dag ongestoord kan schijnen. In de volle zon komt de viltige beharing van de bladeren het beste tot ontwikkeling, wat essentieel is voor de gezondheid. Zonder voldoende licht zal de plant moeite hebben om zijn kenmerkende kleur en compacte vorm te behouden.
De kwaliteit en structuur van de grond spelen een even grote rol in het succesvol aanslaan van de plant. Een goed doorlatende bodem is absoluut noodzakelijk omdat de wortels zeer gevoelig zijn voor overtollig water. In zware kleigrond is het verstandig om ruim voldoende organisch materiaal of grind toe te voegen om de afwatering te verbeteren. De plant stelt geen hoge eisen aan de vruchtbaarheid en gedijt zelfs uitstekend op ietwat armere gronden.
Het is raadzaam om de grond voor het planten diep om te spitten zodat de wortels zich gemakkelijk kunnen verspreiden. Tijdens dit proces kun je eventueel wat kalk toevoegen als de grond van nature erg zuur is. Een licht kalkrijke bodem wordt door deze plant zeer gewaardeerd en bevordert een krachtige groei. Zorg ervoor dat er geen grote stenen of harde lagen achterblijven die de wortelgroei kunnen belemmeren.
Houd bij het kiezen van de plek ook rekening met de uiteindelijke hoogte en breedte van de volwassen plant. Hoewel de rozetten laag blijven, kunnen de bloemstengels tot wel tachtig centimeter de lucht in schieten. Plaats de planten daarom niet te dicht op elkaar om een goede luchtcirculatie tussen de exemplaren te waarborgen. Een onderlinge afstand van dertig tot veertig centimeter is in de meeste gevallen ideaal voor een mooi resultaat.
Het plantproces
De beste tijd om deze planten in de grond te zetten is in het vroege voorjaar of aan het begin van de herfst. Tijdens deze periodes is de grondtemperatuur aangenaam en is er vaak voldoende natuurlijke neerslag voor de wortels. Graaf een plantgat dat net iets groter en dieper is dan de kluit van de plant die je hebt gekocht. Het is belangrijk dat de plant op exact dezelfde diepte komt te staan als hij in de pot stond.
Meer artikelen over dit onderwerp
Nadat je de plant voorzichtig uit de pot hebt gehaald, kun je de wortels aan de buitenkant heel lichtjes losmaken. Dit stimuleert de plant om zijn wortels direct in de nieuwe omgeving uit te zetten in plaats van rondjes te blijven draaien. Zet de plant in het gat en vul de ruimte eromheen aan met de verbeterde tuingrond. Druk de aarde rondom de basis stevig maar voorzichtig aan met je handen om luchtbellen te verwijderen.
Geef direct na het aanplanten een ruime hoeveelheid water, zelfs als de weersverwachting regen voorspelt. Dit water helpt de grond om zich goed rondom de wortels te sluiten, wat het aanslaan aanzienlijk bevordert. Let er wel op dat het water niet blijft staan, aangezien dit direct al voor stress bij de wortels kan zorgen. De eerste weken na aanplant is het zaak om de vochtigheid van de bodem goed in de gaten te houden.
Je kunt overwegen om een dunne laag mulch rondom de nieuwe aanplant aan te brengen, maar houd de rozet zelf vrij. Een laagje fijn grind is hiervoor zeer geschikt omdat het de warmte vasthoudt en overtollig vocht snel afvoert. Vermijd dikke lagen houtsnippers of compost direct tegen de bladeren aan om rot te voorkomen. Een schone en open structuur rondom de voet van de plant is het meest bevorderlijk voor een goede start.
Zaaien en kiemen
Vermeerderen door middel van zaad is een van de meest effectieve en natuurlijke manieren om je bestand uit te breiden. De plant produceert na de bloei een enorme hoeveelheid zaden in kleine capsuleachtige vruchten. Je kunt ervoor kiezen om de natuur zijn gang te laten gaan, maar gecontroleerd zaaien geeft vaak betere resultaten. De beste tijd om buiten te zaaien is in de nazomer of in het vroege voorjaar.
Meer artikelen over dit onderwerp
Als je kiest voor voorzaaien binnenshuis, kun je al in februari of maart beginnen in kleine kweekpotjes. Gebruik een lichte zaaigrond die goed water doorlaat en dek de zaden slechts met een heel dun laagje aarde af. De zaden hebben namelijk licht nodig om optimaal te kunnen kiemen bij kamertemperatuur. Houd de grond vochtig maar zeker niet kletsnat gedurende het gehele kiemproces, dat meestal twee weken duurt.
Zodra de zaailingen hun eerste echte setje bladeren hebben gevormd, kun je ze voorzichtig verspenen naar grotere potjes. Dit is een delicaat werkje waarbij je moet oppassen dat je de jonge worteltjes en de zachte stengels niet beschadigt. Geef de jonge planten voldoende licht zodat ze niet ‘sprietig’ worden door te hard te groeien op zoek naar zon. Na een afhardingsperiode van enkele dagen kunnen de plantjes overdag naar buiten om te wennen aan de buitenlucht.
In de tuin kun je de zaden simpelweg over de voorbereide grond strooien en lichtjes aandrukken met een plankje. De natuurlijke koude- en warmtecycli zullen de kiemkracht van de zaden in de volle grond vaak ten goede komen. Je zult merken dat er binnen korte tijd een klein tapijt van grijze mini-rozetjes verschijnt op de plek waar je hebt gezaaid. Dun de zaailingen later uit tot de gewenste afstand voor een gezonde ontwikkeling van elke individuele plant.
Vermeerderen door deling
Hoewel zaaien zeer populair is, kan het delen van volwassen planten ook een succesvolle methode van vermeerdering zijn. Dit wordt meestal gedaan in het voorjaar wanneer de eerste nieuwe groei weer zichtbaar wordt in de kern van de plant. Het delen van een plant verjongt de moederplant en geeft je direct enkele grotere exemplaren voor op andere plekken. Kies hiervoor alleen gezonde en goed ontwikkelde planten uit die minimaal twee jaar oud zijn.
Graaf de gehele plant voorzichtig uit met een ruime kluit zodat je zoveel mogelijk van het wortelgestel intact laat. Schud de overtollige aarde voorzichtig weg zodat je goed kunt zien waar de verschillende groeipunten zich bevinden. Je kunt de kluit vaak met de hand of met een scherp mes in twee of drie gelijke stukken verdelen. Elk deel moet beschikken over een gezond stuk wortel en ten minste één actieve bladrozet.
Plant de verkregen delen direct weer op hun nieuwe plek in de tuin volgens dezelfde methode als bij nieuwe planten. Omdat deze delen al een ontwikkeld wortelsysteem hebben, zullen ze sneller aanslaan en vaak hetzelfde jaar nog bloeien. Het is wel belangrijk om de gedeelde planten de eerste weken extra goed in de gaten te houden met water geven. De ingreep is voor de plant namelijk best ingrijpend en herstel vraagt enige energie en vocht.
Deze methode van delen is ook een uitstekende manier om planten die in het midden wat kaal worden, weer nieuw leven in te blazen. Door de oude kern weg te gooien en de vitale buitenste delen opnieuw te planten, behoud je een frisse uitstraling. Veel professionele hoveniers passen deze techniek elke drie jaar toe om de borders vitaal en vol te houden. Het is een kosteloze manier om je tuin jaar na jaar te verjongen en te verfraaien.